31 augustus 2007

Onder de morgen

Hij werd wakker en wist zonder op de wekker te kijken hoe laat het was. Vijf of hooguit tien minuten voordat het tijd was op te staan, snel een paar boterhammen en een kop koffie naar binnen te werken en dan naar het werk.

Pas nadat hij zich had omgedraaid om op de wekker te kijken die het gelijk van zijn biologische klok bevestigde, schoot het door zijn hoofd dat het weekend was. Niks te werken. Niks eruit moeten.


Tevreden knorrend draaide hij zich om en stuitte op haar warme blote rug. Hij vouwde zijn lichaam vanaf zijn knieën in precies dezelfde flauwe bocht als dat haar lichaam lag. Hij reed zachtjes tegen haar op, drukte net zo lang tegen haar aan tot ze een geluidje gaf. Misschien hoopte hij een beetje dat ze wakker werd, maar dat werd ze niet. Hij vond het goed. Lekker tegen haar aan liggen was alles wat hij wilde.

Hij mocht nog even blijven liggen. Nog uren als hij wilde. Met zijn ogen dicht voelde hij haar warmte. Hij streelde zonder bijbedoelingen langs haar heup en langzaam maar zeker raakten zijn fluitend zonder doel rondkuierende gedachten vermengd met gedachtes aan haar en haar lichaam. Nog wat dichter kroop hij tegen haar aan om het nog wat weldadiger warm te krijgen. Niets moest. Maar alles mocht. Wie weet zou ze wakker worden en kwam vervolgens van het een het ander.


Ze bewoog vrij plotseling. Het bed kraakte. Ze zei iets: "Waar denk je aan?" Iets wat vreemd klonk uit haar mond, want dat vroeg ze hem nooit. Ze stelde liever vragen waardoor hij wel genegen raakte zijn gedachten bloot te geven. De vraag kwam misschien uit haar droom zijn realiteit binnen gedwaald.

"Aan jou," fluisterde hij vlakbij het stukje oorlel dat tussen haar verwarde haren zichtbaar was. "Alleen maar aan jou".


Zij sliep zonder te reageren verder en hij gleed met haar in zijn gedachten een nieuwe droom in.

22 augustus 2007

Regels

Met een zwaar bepakte fiets stond ik op station Utrecht bij één van de vele verkooppunten voor koffie op mijn beurt te wachten. Van rechts kwamen twee dames, de voorste met een gezicht waarvan de lachspieren vermoedelijk definitief in het ongerede waren geraakt, de achterste ook met een zuinig gezicht, maar dit gezicht leek desgewenst in staat een andere uitdrukking aan te nemen.

De ruimte tussen mijn fiets en de toonbank werd voetje voor voetje ingenomen door de voorste tevens zuurste dame. Door jarenlange ervaring met in rijen staan bij bakkers en slagers, was duidelijk wat hier gaande was. Er ging voorgedrongen worden.

Als ik haast heb, dan dwingt de stress van het misschien een trein missen tot actie, maar nu, nu ik geen haast had, ontwikkelde zich een innerlijk conflict, in de periode die verstreek voordat ik aan de beurt kwam, en voordat deze zure dame zou gaan doen of het haar beurt was.

Mijn toegeeflijke zelf zei dat ik toch geen haast had, kom op, je hebt zelfs vakantie. Die dames hebben misschien wel een vreselijk belangwekkend congres of bloemschikconcours of zo. Ook denk je dan altijd dat zo'n mevrouw het misschien niet expres doet en is het dan niet zielig haar op hoge toon haar plaats te wijzen?
Mijn assertieve zelf zei dat het een principekwestie was. Het was mijn beurt en niet haar beurt.
En daarmee uit.

Het moment kwam dat het meisje achter de balie opkeek. De zure dame deed nog één stap verder naar voren in de ruimte die mijn fiets haar liet en ze stond nu pal voor me (maar ik was twee koppen groter dus niet onzichtbaar gemaakt).
Ze zei onvriendelijk "twee cappucino" en ik zei ongeveer net zo onvriendelijk "sorry mevrouw, maar ik was eerst."
Een mevrouw die per ongeluk voordrong, zou nu op z'n minst verwonderd of verbouwereerd omkijken. Waarschijnlijk zou ze zich uitputten in verontschuldigingen. Deze mevrouw zei echter niks en liet toe dat ik mijn bestelling plaatste, met een zuur gezicht, maar dat had ze al de hele tijd.

Duidelijke schuldbekentenis. Als ik probeer voor te dringen - wat ik ook wel eens doe, niemand is zonder zonde - dan reageer ik ook zo als ik het expres gedaan heb en betrapt wordt.

Mijn assertieve zelf had dus een roemruchte overwinning behaald. De koffie als beloning begon al te geuren. Nee, ik hoef geen gevulde koek, dank u wel hoor, zei ik inmiddels weer de vriendelijkheid zelve.

De zure mevrouw was uitgerangeerd, ze stond er nu wat beteuterd bij. Haar vriendin vond dat het tijd werd om een duit in het zakje te doen. Zij keek mij aan en zei bestraffend "Zet uw fiets dan ook even buiten, dan kunt u beter bij de toonbank".
Op zichzelf een ware bewering. Ik antwoordde daarom "Daar zit wat in", want ik was bezig met geld zoeken. En nu ik koffie ging krijgen was mijn toegeeflijke zelf weer helemaal terug van weggeweest.
Toch merkte ik aan de bestraffende blik van mevrouw dat ze vond dat ik de schuldige was aan het incident. Ze wilde me dat laten merken. Dus kreeg ik bij het wachten op mijn koffie spijt van mijn "Daar zit wat in".

Wat was eigenlijk de redenering achter haar opmerking? Die had toch een naar calvinistische zweem. Omdat er zo'n gat was tussen jou en de toonbank dacht mijn vriendin dat jij niet in de rij stond. Volkomen begrijpelijke vergissing van mijn vriendin dus. Het kan dus haar schuld niet zijn dat ze voordrong. Maar een schuldige is er altijd, zo weet een calvinist als geen ander. Als zij het niet is, ben jij het, want jij hebt de regels overtreden door jouw fiets mee naar binnen te nemen (was dat eigenlijk tegen de regels, het meisje achter de balie scheen het niet zo erg te vinden), dan verspeel je dus het recht om op jouw beurt geholpen te worden. De fatsoensregel dat wij op onze beurt zouden moeten wachten, is dan niet meer van belang en kan niet meer tellen.

Klinkt een beetje als een redenering die ook wel opgehangen wordt ten aanzien van asielzoekers en criminele Antillianen. Okee, okee, dit land kent voor iedereen mensenrechten en burgerrechten en God weet wat voor rechten er allemaal wel niet zijn, maar jij gaat je om te beginnen wel eerst even dondersgoed aan de spelregels houden, want als je dat niet doet, dan trekken we al die mooie rechten in en ben je vogelvrij.

Zou die mevrouw misschien Wilders stemmen?

Hoe dan ook, de schuld van het incident was in mijn schoenen geschoven. Dat gunde ik de dames zolang ik maar degene was die geurige koffie aangereikt kreeg. Ik draaide me om met medeneming van mijn fiets en koffie en hoorde achter me erg vinnig zeggen; "Twee cappuccino zoals ik dus al zei".

19 augustus 2007

Wanneer is een man het gelukkigst?

Misschien wel wanneer hij op vakantie is en de enige Nederlandstalige zender die hij tussen zijn 47 zenders heeft kunnen ontdekken, gaat vanavond voor het eerst het voetbal uitzenden !

10 augustus 2007

Alleen maar transpiratie

Een idee komt zomaar binnenvliegen.


Soms als de bromvlieg die als flanerende toerist via een open raam naar binnen drentelt, gezellig wat rondzoemt in keuken en woonkamer, om tot de ontdekking komt dat er nergens fijne honing, nectar of soortgelijk lekkers te vinden is. Weg maar weer, maar dan blijkt het beest te stom om te weten waar hij vandaan kwam en hoe je ook al weer terug naar buiten moest.


Soms als op de markt tegen sluitingstijd als de kasseien naar vis ruiken en een troep meeuwen vecht om een kartonnetje met resten patat en mayonaise. Eén meeuw waait hoog op terwijl jij langskomt en deponeert al krijsend zijn uitwerpselen precies bovenop jouw net gecoiffeerde kruin.


Soms als rijen passerende mensen in een drukke winkelstraat, maar opeens komt er iemand recht op je af en dan probeer je allebei dezelfde richting uit te ontwijken. Als het nou nog een leuk meisje was, alla, maar het is meestal een kale vent met mama-tattoo die een frikadel speciaal aan het opeten is en daarom even niet oplette. Je mag één keer raden op wie z'n jas de speciaal terechtkwam.


Een idee is een toevallige gebeurtenis. Een coëxistentie van gedachten die niks met elkaar dachten te hebben, maar het nu opeens toch leuk vinden in elkaars buurt.


Ik heb helaas nu even geen idee. Geen inspiratie.


De krant erbij pakken, dan? Als je het dorpje Wyns in Fryslân kent, dan vermoed je niet dat daar nieuwswaardige dingen kunnen gebeuren, maar er woont een leuk beschilderde veganistische mevrouw die met haar geweer hazenjagers in het weiland achterna komt. Als dat geen idee is, weet ik het ook niet meer. Te veel idee. Hoe moet je iets portretteren dat al een portret is?


Zit er brood in een bejaarde op een fiets? Laten we er een racefiets van maken, een semi-racefiets, want dan heeft de fiets een bagagedrager en kan er een broodtrommeltje achterop, waar dan toch vast wel brood in zal zitten. Hmm.

Tja.

Dan moet ze me voorbij rijden, wat knap is, want dat lukt heel veel (ook kerngezonde) bejaarden niet, en dan moet ze wat doen. Hij, het moet een hij zijn, en hij moet wat doen… Eh, eens even denken. Ik wil eigenlijk helemaal niet voorbij gereden worden door bejaarden op racefietsen, semi-racefiets ook nog. Ik ga straks op fietsvakantie, drie weken lang. Slecht moment om fantasieën te hebben over voorbij gereden te worden door bejaarden.


Een psychiater dan, een psychiater die vlakbij een slijterij woont, wat voor leuke dingen kun je doen met een psychiater die vlakbij een slijterij woont?


Je moet er niet naar gaan zoeken, niet op lopen, niet op gaan zitten wachten, zo van nu ga ik op de bank zitten, mooi rechtop, en nog drie keer verzitten, en vervolgens zit je heel stil en binnen nu en een kwartier is er een idee. Na dat kwartier zijn er zat doelloze gedachten langsgekomen, maar een idee, nou nee.

Brainstormen is ook een verkeerd woord. Al s het stormt in mijn hoofd, krijg ik nooit een idee, veel te druk met gescheiden afvalinzameling. Welke gedachte is idioot, welke zinloos, welke waard om vast te houden?


Een ideaal moment om een idee te krijgen is in bed, wanneer je wakker bent terwijl je weet dat je niet echt meer zult slapen, maar je hoeft er ook nog niet uit. Je draait nog maar even lekker op je zij, even lekker liggen, en voor je het weet is door het open raam waar zich best een aardige dag aankondigt een elfje met toverstaf komen waaien, en ze tikt zachtjes boven je oor vlakbij je slaap en hop daar springt het idee als het spreekwoordelijke lampje je hersenpan in.

Verder zijn activiteiten als afwassen en toiletten schoonmaken soms best goed om ideeën op te doen. Overigens, acquisitie naar aanleiding van dit stukje in de comments als "ik weet nog wel een afwas die gedaan moet worden", wordt absoluut niet op prijs gesteld.


Helaas, veel substantie zit er vandaag niet in. Ik had voor mijn vertrek nog een geweldig stuk proza willen achterlaten, maar jammer. Ik kan natuurlijk nog even de actualiteit bij de kop pakken, maar over Wilders wil ik alleen schrijven als vervolgens van schrik niemand meer op hem stemt. Over zo'n bromvlieg gesproken die de weg naar het licht niet meer kan vinden. Gek word je ervan, dat zenuwachtige gestuiter langs en tegen het raam. En steeds wilder zoemt het in de vensterbank achter de planten. Wilders. Wilderst. Je moet het kleine raampje hebben, gek. De achterdeur, of nee de zijdeur, daar moet je heen…


Ik ga dus een week of drie weg. Ik ga een soort Ride for the Roses houden, maar dan met mijn eigen egocentrische zelf. Wel ga ik vijf landen bezoeken. Klinkt best stoer toch? Althans, ik ken mensen die op een fiets niet eens één stad uitkomen. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik eigenlijk naar België en Luxemburg ga, maar ik begin nog met een klein stukje Nederland, en vanuit Luxemburg is zowel Duitsland als Frankrijk dichtbij genoeg om even over te wippen.

Op mijn tocht zal ik onder andere de Stockeu en La Redoute proberen te bedwingen, scherpslijpers uit Luik-Bastenaken-Luik die voor bejaarden met broodtrommeltjes achterop hun fiets te veel van het goede zijn. Ik hoop wel boven te komen. En als daarboven de wind om mijn bezwete kop waait hoop ik dat die af en toe eventjes afzwakt om een leuk idee in mijn oren te fluisteren.


Tot ziens, when the jackal returns.

05 augustus 2007

10 mooie liedjes uit... 1969

Er zijn dingen die niet kunnen. Bijvoorbeeld dat je in een kroeg zit en dat ze dan Bohemian Rhapsody draaien van Queen. Dat zou alleen kunnen als het 31 december 11 uur 55 is, maar dat was het niet. Wie draait nummer nou uit vrije wil? Bohemian Rhapsody is geen muziek meer, dat is een instituut, zo'n standaard die ze in Parijs bewaren, achter glas in een vitrine. Tegen betaling van te veel Euro's mag je er langs lopen en naar kijken.


Als je een "Bohemian Rhapsody" van de punkrock zou moeten noemen, dan is Iggy & The Stooges met No Fun kandidaat.

Een "Bohemian Rhapsody" die ook nog echt mooi is, is David Bowie met Space Oddity.

Een band die geen Bohemian Rhapsody heeft weten te maken, het in de geschiedenis tot precies één hit bracht, is Thunderclap Newman met Something in the Air.


Een iets grotere verdienste voor de pophistorie hebben de Beatles en de Stones. Blij dat ik niet van de generatie dat je moet kiezen tussen die twee, en dan niet mogen houden van degene die je niet gekozen hebt.


Een artiest waar ik helemaal niet van zou "mogen" houden, is John Denver. Dat doe ik dan ook niet, maar voor één nummer heb ik een ongeneeslijk zwak, namelijk Leaving on a Jetplane. Voorspelbaar? Ja. Sentimenteel? Zeer. Ouwe romantische dwaas aan het worden? Vast.


Terug naar Beatles & Stones. Eén van de mooiste nummers van de Stones is You Can't Always Get What You Want.

Het laatst uitgebrachte album van The Beatles is Let It Be (1970), maar het is opgenomen voor Abbey Road, dat dus eigenlijk het laatste album van The Beatles. Heel wat bands zullen intekenen op een zo goed eerste album dan het laatste album van The Beatles. Eigenlijk is Something geen Beatles-nummer maar een George Harrison-nummer, hoe dan ook het beste nummer dat hij ooit maakte.

The Velvet Underground – de Beatles van de undergroundmuziek – waren tegen het eind van 1969 zo ongeveer exit (Lou Reed was eigenlijk vertrokken in 1970 toen ze hun laatste officiële plaat maakten), maar hun ei uit 1969 "The Velvet Underground" is een geweldige plaat, met onder andere Pale Blue Eyes als geweldig nummer.

Nog een band die zo z'n invloed heeft gehad op de muziekgeschiedenis, is Led Zeppelin. Zij maakten in 1969 hun eerste en tweede plaat. Whole Lotta Love is genoegzaam bekend, om te pronken met je nieuwe surround sound boxen bijvoorbeeld, maar er zijn ook gewoon lekkere liedjes zoals Babe I'm Gonna Leave You, het soort Leaving on a Jetplane voor de man die in elk stadje een schatje heeft.

Als je denkt dat die nieuwe surround boxen je gelukkig zullen maken, wordt het hoog tijd om Shangri La van The Kinks te draaien.


Deze romantische ouwe dwaas krijgt trouwens de rillingen van Janis Joplin – Little Girl Blue.

03 augustus 2007

Wie heeft de langste

De eerste die op Leo af kwam was Hjalmar. Hjalmar was de inspirator en organisator van deze reünie. Hij stak zijn hand uit en Leo zag een vriendelijke, open lach toen de mannen elkaars handen schudden. Maar Hjalmars ogen keken over zijn schouders heen, achter die schouders klonk een kreet en Leo herkende de stem van Diny. Het slappe handje van Hjalmar gleed weg uit dat van Leo en zijn glimlach nam de excuusstand aan.

"We praten straks verder," zei hij, hoewel ze nog geen woord gewisseld hadden. Weg was hij, om luidkeels ouwe jongens krentenbrood te doen met Diny. Het gaf niet. Leo was nooit dik geweest met de gladde Hjalmar. Met Diny had hij al helemaal niks.


Nadat hij ondervonden had dat Raoul er niet bij zou zijn, dat Martijn later kwam en dat niemand wist of Jeanette wel zou komen, voegde Leo zich bij het groepje voorheen opgeschoten jongens en nu mannen met terugwijkende haarlijn, dat vroeger op de gang van de studentenflat altijd het hoogste woord had, het meeste bier dronk en de raarste stunts verzon.


Boris bepaalde net als vroeger het gespreksonderwerp, wat nu files, boetes en de heilige oorlog tegen de flitspaal was. Hij was vroeger al niet licht, maar nu zeker een kilo of dertig zwaarder dan toen. Zijn blauwe pak stond hem goed.

"Ik heb geen auto," leverde Leo zijn bijdrage aan het gesprek.


Hans, die zijn bijnaam van vroeger - schraalhans - nog steeds eer aan deed, stond naast Boris, net als vroeger veel ja te knikken. Zijn grijze pak stond hem alsof hij het overgenomen had van zijn overleden opa. Op het moment dat hij trots bekende dat hij laatst op de motor met 48 kilometer te hard gepakt was, dus net nog zijn rijbewijs mocht houden, ging Zebi daar overheen met de achteloze opmerking dat hij zijn rijbewijs al twee keer kwijt was geraakt.


Terwijl Zebi in geuren en kleuren vertelde waar en hoe en waarom hij overal te hard gereden had en wat hij allemaal aan agenten en rechters verteld had, keek Leo rond. Ina beantwoordde zijn blik. Ze droeg een soort jurk die van onderen twijfelde of ze misschien toch een broek was. Het kledingstuk was te wit voor haar bleke huid, bovendien waren de blauwe bloemige motieven nogal groot. Ze zag er bijzonder gesettled uit met haar man naast haar zijde, de aanhang die mee was ondanks het verzoek in de uitnodiging geen aanhang mee te nemen (behalve dan Diny natuurlijk, maar Diny was vroeger ook al aanhang). De notie dat hij zowat twee jaar verkering met haar had gehad – ze golden ooit als het enige stabiele flatstel – was hem vreemd te moede.


Terwijl Boris en Zebi het hunne bespraken, praatte Leo even met Hans. Die leek toch zijn draai gevonden te hebben. Hij was vroeger in een laat stadium met zijn studie gestopt en had vervolgens allerlei kortstondige baantjes en kortstondige relaties gehad. Nu was hij artsenbezoeker. De manier waarop hij erover vertelde, deed vermoeden dat hij het een mooi vak vond. Niet zonder trots meldde hij dat hij kortgeleden bevorderd was, met een leuke salarisverhoging erbij.


"En jij, hoe gaat het nu met jou, de vorige keer was je toch werkloos?" Leo negeerde Zebi's vorsende blik. Hij vertelde dat hij al jaren niet meer werkloos was. Hij werkte in de ICT.

"Ah, jij bent één van die jongens die ik moet vertellen dat ze niet zo veel geld moeten uitgeven," viel Zebi in. Leo was vrij snel met zijn antwoord dat als de opdracht maar helder was, de kosten zelden de pan uitrezen. Maar Zebi wilde geen discussie over getouwtrek tussen de business en de ICT afdeling. Zebi wilde laten weten dat hij in de managementlaag vertoefde en dat het wat hem betreft standaard was om per drie jaar bevorderd te worden. "Als dat niet lukt, dan zeg je gewoon toeduhluhdooowkieie en dan ga je ergens anders naartoe," beweerde hij. Hjalmar die erbij was komen staan vond dat wel een gezond gezichtspunt, maar Leo zag met een steelse blik hoe Hans inmiddels stilletjes afzijdig stond te staan. In stilte rekende Leo uit hoe vaak hij de afgelopen zes jaar bevorderd was, maar hij wilde Hans het niet aan doen om erover te gaan pochen. Hij vond het eerlijk gezegd niet zo belangrijk, niet zo'n verdienste ook.

Leo bekeek even de kleren van de keizer, lakschoenen en maatpak, dat een uitstulping herbergde die alleen de vleesgeworden diplomaat Hjalmar als "buikje" zou kwalificeren.


Hij vroeg zich af of Zebi hem straks misschien net als vroeger in een onbewaakt ogenblik even apart zou nemen: "Kan ik wat van je lenen? Ik zit toevallig net even krap." Even speelde Leo met de wat kinderachtige verleiding om dit verleden op te rakelen. Zebi was hem trouwens nog steeds 60 gulden schuldig, herinnerde hij zich opeens.


Toen het gezelschap net aan tafel ging, schoof Martijn aan en zo waren de oude maatjes van vroeger herenigd, met Hans en Kirsten bij het raam, Martijn en Leo daarnaast. Gelukkig waren Martijn en Kirsten ook gewoon in spijkerbroek gekomen. Nadat een paar bellen wijn ingeschonken en leeggedronken waren, werd het best gezellig. Er werden wetenswaardigheden over het heden uitgewisseld, anekdotes van vroeger opgehaald. Kirsten bleek na 15 jaar verkering dan toch maar getrouwd te zijn met Chris. "Omdat we een huis gekocht hebben, is dat toch wel handig," zei ze. "En er komt een kindje," zei ze met een blije lach en een trotse blik op haar buik waar nog niks te zien was. Martijn, Leo en Hans feliciteerden haar met zoenen en het hele gezelschap kwam overeind om hen daarin te volgen. Leo keek het aan en betrapte zichzelf in stilte erop dat het oude gevoel dat Chris ooit het veld zou ruimen en dat hij zijn plek zou innemen, hem nog steeds niet helemaal verlaten had. Zo te horen was zijn gevoel meer misplaatst dan ooit.


Zijn ogen dwaalden af. Hjalmar was net uitverteld over de platte TV die hij gekocht had. Boris vertelde hardop over zijn twijfels of hij zo'n aankoop nou wel of niet zou doen. Hij keek naar Leo en merkte niet onvriendelijk op dat hij waarschijnlijk wel geen platte TV zou hebben, niet?

"Ik heb er wel één," zei Leo. "Al drie jaar." Na enig aandringen noemde hij de afmetingen en de prijs. Onder de verwachte blik van bewonderende afgunst wist hij zich nooit zo goed een houding te geven. Het besef dat hij in al zijn geruisloosheid best meetelde in de gadgetwedloop, vervulde hem altijd met misplaatste trots. Hij hoopte ooit een bewustzijnstoestand te kunnen bereiken waarin het hem oprecht koud liet.

"Ik zweer bij plasma," zei Zebi, die een stukje verderop meeluisterde. "Weet je wat het probleem is van LCD? Het zwart is nooit echt zwart…"

"Nou ik heb laatst Men in Black gezien op mijn LCD-TV," zei Leo. "En wit waren ze echt niet." Boris en Hjalmar moesten gelukkig een beetje lachen, zodat Zebi een beetje op zijn neus keek. Hij redde de situatie door zijn nieuwe telefoon op tafel te zetten, die UMTS en nog wat afkortingen had, het snelste internet on the market.

"Wil je weten wat Ajax vanavond gedaan heeft," vroeg hij, maar Hjalmar bleek niet eens te weten dat Ajax vanavond speelde. "Derde ronde Amstel Cup," zei Hans wat bestraffend. "Utrecht uit altijd lastig." Hans wilde best graag weten wat het geworden was.

"Nou het is 1-2 geworden, hoor. Huntelaar en Runderkamp"

"Runderkamp? Hebben ze die opgesteld?"

"Ingevallen in de 80e minuut. Gouden wissel blijkbaar, want de winnende goal gemaakt."


Terwijl Hjalmar inventariseerde wie er allemaal nog mee wilde naar een kroeg en om te beginnen en wat weifelige respons kreeg, oreerde Zebi verder over hoe onthand hij zou zijn zonder twenty four seven Internet bij de hand. Hij keek even op nu punt nl en las zijn gehoor een onderzoekje voor over seksuele gewoontes van apen die overdraagbaar bleken op mensen. Volgens die Amerikanen dan.

"Wil jij nog mee?" vroeg Hjalmar aan Leo. Leo keek snel rond. Wat hadden Martijn en Hans en Kirsten gezegd?

"Welke site ga je nou het vaakst naartoe?" wilde de vriend van Ina weten. Zebi begon met zijn schouders op te halen, kennelijk probeerde hij wat tijd te winnen om een interessant antwoord te kunnen geven.


"Lenen punt NL?" vroeg Leo luchtig.


Boris die net de laatste grote slok van zijn Amsterdammer wegwerkte, verslikte zich. Diny's ogen werden groot en haar mond viel onflatteus open. Hans, Martijn en Kirsten deden weinig moeite om hun lachen in te houden. Nadat het conflictvermijdende gezicht van Hjalmar hopeloos uit de plooi gevallen was, capituleerde de rest zonder pardon. Aan de tafel met de reünisten werd het zo luid dat de gasten aan de andere tafels er aanstoot aan namen.

Clicky

Clicky Web Analytics