31 december 2007

Playlist van 2007

Het noemen van de mooiste plaatjes en liedjes van 2007 blijft een hachelijke zaak. De plaat die ik op dit moment het meest draai, is Boys And Girls In America van The Hold Steady. Vette gitaarrock dat qua sound een beetje aan Replacements of Masters Of Reality doet denken, maar wel meer punky en voorzien van weirde elementen. Een van de lekkerste platen die ik in 2007 gedraaid heb, maar helaas uitgebracht in 2006. In mijn lijstje voor 2006 stond de plaat niet, want ik kende hem niet. Goede kans dat ik de mooiste plaat van 2007 pas in 2008 of 2018 of 2028 ontdek.


Ik moet nog platen luisteren van 2007, dus ik ga er zeker missen. Van Foo Fighters (Echoes, Silence Patience & Grace) weet ik nog niet goed weet wat ik ervan moet vinden. De plaat lijkt niet beter dan de voorgangers, maar ook niet slechter. Geen verrassingen, geen teleurstellingen maar misschien te gewoon. The Pretender is wel op zeker een prijsnummer.

Spoon – Ga Ga Ga Ga Ga is wel aardig, maar waarschijnlijk blijft het daar bij. Bloc Party – Weekend in the City heeft z'n momenten, maar is minder dan zijn voorganger. The Frames – Cost is een mooie plaat om net buiten de prijzen te vallen.


In 2007 twee uitschieters, twee echte toppers. Verder drie gewoon goede platen.


Radiohead is terug. De platen uit de jaren 90 vond ik goed tot zeer goed, maar met hun platen uit de 21ste eeuw kon ik niet veel. Kid A vind ik zwaar deprimend, Amnesiac ongrijpbaar en Hail To The Thief gewoon saai. In Rainbows echter is een mooie plaat, redelijk toegankelijk zonder dat ze oude kunstjes herhalen, en eigenlijk behoorlijk romantisch. Uit All I Need, één van de mooiste nummers:

I am a moth
Who just wants to share your light
I'm just an insect
Trying to get out of the dark


Serj Tankian – Elect The Dead. De zanger van System Of A Down die solo gaat. Als je houdt van Bush bashen op muziek zit je zeker goed, want Nixon jr. gaat door de gehaktmolen. De zang is hier en daar wat over the top, een operazanger die uitsluitend de stervende zwaan op z'n repertoire heeft, en je moet van metalachtige gitaarriffs houden om van deze plaat te houden. Nummers als Saving Us, Sky Is Over en Honking Antelope zijn heerlijk meebangen, - beuken, - brullen en wat dies meer zij.


Spinvis – Goochelaars & Geesten is een plaat met B-kantjes en onuitgebrachte nummers, maar daar zitten een paar juweeltjes tussen. Wespen op de appeltaart is de slagroom op de taart, een andere aanrader is Op een ochtend in het Heelal. Verder zijn er absurdistische maar sfeervolle samplenummertjes.


Uitschieter één, Editors – An End Has A Start. Ze hebben wel wat van Coldplay, maar nadat deze band een heropvoedingsprogramma heeft ondergaan, een jaar op een onbewoond eiland met het hele oeuvre van Joy Division. Zang vol passie, goed gestructureerde drums en bass, terwijl de gitaren mogen wegvliegen in hoge blauwe luchten of donkere paarsgetinte nachten.


Uitschieter twee, The Shins – Wincing The Night Away. Liedjes die beginnen als zo veel andere liedjes, op het eerste gezicht doorsnee en misschien wel middelmatig. Maar altijd volgen subtiele veranderingen en variaties op het thema, zodat deze op het oog gewone liedjes toch bijzonder worden.


In mijn playlist van 2007 (klik hier om te luisteren) staan ook tracks van bovenstaande platen, en verder de fijnste losse nummers. Ik hou van losse liedjes, een minuut of 3, 4 meegenomen worden in een kabelbaan, op trektocht of sleeptouw. Of meegenomen worden naar jou waarna je ja zegt, of toch weer nee, maar dan wel op een manier waarbij warmte door het verdriet heen sijpelt.


Manic Street Preachers – Your Love Alone Is Not Enough. Een perfect popliedje. 3 minuut 56, gewoon couplet en refrein, maar een blijmakende melodie die zich vastzet in je kop, mooi en passievol gezongen en een gevoel van kracht en trots.

Editors – The Racing Rats. Representatief prijsnummer van An End Has A Start. Wie zegt dat het op Joy Division lijkt heeft gelijk, maar wie zegt dat het niks toevoegt niet.

Spinvis – Een Nagemaakte Gek. Een nummer rondom een absurdistisch sampletje. Spinvis zingt en het sampletje zegt na, hoewel het eigenlijk natuurlijk andersom is.

Cherry Ghost – Roses. Oftewel de ten onrechte niet wereldberoemde singer-songwriter Simon Aldred. Dit nummer klinkt als de eerste single van de winnaar van de Engelse Idols, de editie die ik gevolgd zou hebben als hij er geweest zou zijn.

Foo Fighters – The Pretender. Zoals God rock & roll gewild zou hebben (als zijn volgelingen tenminste geloofd zouden hebben dat Hij daarvan houdt).

Spoon – Finer Feelings. Een band die rockmuziek maakt waarover goed nagedacht is. Misschien iets te goed, maar op dit nummer werkt het.

The Shins – Phantom Limb. Het nummer van Wincing The Night Away dat het vaakst gescrobbeld is op LastFM.

Beirut – Nantes. Nee geen aardrijkskundekwis, maar multi-instrumentale folk, inclusief blazers.

Richard Hawley – Tonight The Street Are Ours. Romantische nachtmuziek die gek van verliefdheid door straten dwaalt, balancerend op de stoeprand tussen kunst en kitsch.

Jack Penate – Torn On The Platform. Beetje een deuntje waar ik vaag een jaren 80 liedje in hoor (Housemartins – Happy Hour), maar charmante zang en leuk spelen met woorden.

Frank Black – You Can't Break A Heart And Have It. Ex-voorman van The Pixies doet een cover van Herman Brood.

The Good, The Bad & The Queen – The Good, The Bad & The Queen. Zijpad of misschien tegenwoordig wel hoofdroute van Damon Albarn, zanger van Blur. Uitgesponnen en deprimerende soundscape op pianobasis.

LCD Soundsystem – North American Scum. Het beste dansbare nummer van 2007.

The Frames – Song For Someone. Passievolle folkrock uit Ierland, violen maken tapijten van sfeer.

Bloc Party – On. Niet alles van Weekend in the City is mooi, maar dit wel.

Babyshambles – Delivery. Opvolger van The Libertines, dezelfde onweerstaanbare bluesy annex punky gitaarloopjes.

Fall Out Boy – This Ain't A Scene, It's An Arms Race. Het is een zeldzaamheid, rock op punk- en metalbasis die prachtig gezongen is.

Radiohead – All I Need. Het mooiste liedje over de liefde van 2007.

Serj Tankian – Saving Us. Een exorcistisch nummer om de pijn van het verlaten worden af te schudden.

30 december 2007

Plain nuts

Titus was rechterop gaan zitten nu eindelijk een onderwerp besproken werd waarover hij kon meepraten. Hij had wat interessants te melden. Het onderwerp was instantieleed en hij had laatst, nog geen twee weken geleden, gedonder gehad met zijn energiebedrijf. Hij had hen moeten bellen omdat hij plotseling een rekening kreeg van het een de een of andere health club, een of ander fitnesscentrum.


Tante Jo was aan het woord. Ze praatte hard en staccato en onderbrak haar woorden elke anderhalve zin voor een kirrende lach, waarbij ze haar gehoor aankeek om bedachtzaam knikkend te bevestigen dat iedereen het met haar eens was. Dat moment van stilte probeerde Titus aan te grijpen om mee te praten, maar hij werd in de rede gevallen door de kraakstem van oompje Nieuw-Zeeland, die zich normaliter beperkte tot onderuit zitten en zwijgend handjes met nootjes wegwerken. Nu was hij overeind geschoten. De ene lettergreep die Titus nog uitbracht, was te horen maar werd overstemd door de bank die ver weg onder de kussens een krakend protest liet horen vanwege 107 kilo schoon aan de haak op drift. Oompje Nieuw-Zeeland vroeg door op tante Jo's opmerking dat alle dokters kwakzalvers waren. Tante Jo ging er daarop goed voor zitten en de staat van de Nederlandse gezondheidszorg ratelde voorbij. Titus probeerde nog twee keer om haar woordenstroom te onderbreken, maar het moment waarop je met goed fatsoen over een energiebedrijf kon beginnen, was voorbij. Titus viel terug in de bank. Hij voelde de deining door de bekleding gaan toen oompje Nieuw-Zeeland, die naast hem zat, ook terugviel. Meteen daarna schudde de bank zijwaarts, want de arm van oom strekte samen met zijn volle gewicht over de leuning heen naar het bakje met borrelnootjes op het lage tafeltje. In het dorp net onder Christchurch waar hij boerde verkochten ze geen pinda's in paneermelen jasjes, had hij een uur geleden verteld. Alleen plain nuts. Eén kleur, één smaak. Geen verrassende afwisseling van E drie nul twee, E drie nul acht en E drie twee twee. Dat laatste had oom Nieuw-Zeeland er trouwens niet bij gezegd. Dat had Titus gezegd, in gedachten, toen oompje complimenteus verkondigde dat borrelnootjes lekker waren en plain nuts toch wel saai.


Titus zakte nog dieper weg in de bank dan zijn oom. Hij stopte met luisteren. Terwijl hij binnenin zijn hoofd zijn gedachten naar een stille plek liet zoeken, werden de individuele stemmen om hem heen een monotoon geroezemoes. Kaakchirurg, hartchirurg, orthopeet. En al dat wachten. Het bloed niet goed, de suiker te hoog, de cholesterol een vochtig beklemtoonde 33. Het logische gevolg was de ECG, de MRI en de PET-scan. Afspraken en wachten. Ik zei tegen hem, maar hij zei, dus zei ik tegen haar, maar zij zei.


De kinderen ergens achter hem, ergens onder of naast de eettafel, begonnen te bekvechten. Roeland klaagde luidkeels zijn nood bij zijn mama die met Jeffrey's mama kletste en daarop zette Willemijn een keel op. De stem van tante Jo stokte middenin de foto en weet je wat ze zeiden dat er te zien was? Ze haalde adem en vond extra volume waarmee ze het huilen van Willemijn de baas kon blijven. Willemijn begon te krijsen. Haar mama Charlotte schoot van de bank en begon uit te varen tegen haar kroost. Tante Jo keek rond maar besloot er het zwijgen toe te doen, want niemand luisterde nog. Terwijl mama Charlotte de orde herstelde, graaiden handen in bakjes met borrelnootjes. Tante Jo keek Titus aan en zei "Smeer jij nog eens wat toostjes?"

Titus veerde overeind, opgelucht dat hij wat mocht doen. Het mes in zijn hand lepelde een klodder kipkerrie uit een bakje en begon dit in een dikke laag te verspreiden. "Doe het zelf", zei hij in gedachten. Vervolgens gaf hij haar de verklaring voor het cholesterolgehalte van 33. Het was niet de stress van het werk, het gedoe met de verbouwing of gewoon haar pech dat de een alles maar kon eten en zij aankwam van de wind. Deze "wind" bestond in werkelijkheid uit twee kerstkransjes bij de eerste koffie, nog twee bij de tweede, gevolgd door een kwartiertje driftig meegrijpen in de bak met nootjes. Sinds dat de toostjes op tafel stonden, waren er zeven Tante Jo's kant op gegaan, allemaal dubbeldik besmeerd want tante Jo had een hekel aan droge crackers.

"Zo dik genoeg?"

"Ja jongen, je bent fantastisch", zei ze en haar vingers strekten zich. Ze begonnen te trillen. Schielijk liet ze haar hand zakken tot deze steun vond op het tafeltje. Haar vingers bleven trillen terwijl Titus de cracker in haar handpalm legde. Hij keek haar in de ogen, maar deze keken schielijk weg. Titus observeerde haar terwijl ze ging verzitten en luisterde naar oompje Christchurch, die met ome Bob in discussie was geraakt over de beste manier om een salondeur te schuren. Tante Jo kirde toen ome Bob aantoonde dat hij beter wist hoe het moest dan oompje Nieuw-Zeeland. Ze keek naar haar toostje en at het knagend van rand tot rand naar binnen. Oompje Nieuw-Zeeland poetste zijn geschonden blazoen op door te verkondigen dat weten hoe het moest, één ding was, maar dat uiteindelijk alles draaide om het gereedschap dat je gebruikte. Daar was iedereen het roerend mee eens. Oom Christchurch verloor zichzelf in een verhandeling over vlakschuurmachines, één van de producten die zijn zoon verhandelde in zijn winkel voor bouwmaterialen.


Mama Huistra kwam langs met de grote fles en de kleine glaasjes en alle ooms knikten. Ze kregen een glaasje voorgezet dat gevuld werd tot de rand. Tante Jo lustte wel een wijntje. Titus vroeg om een biertje. Toen hij het kreeg en het aan zijn lippen zette, was het oompje Christchurch die begon met te zeggen dat op zijn ommetje door de Spoorwijk waar hij geboren getogen was, was geschrokken.

"Van wat?"

"Zoveel buitenlanders," zei hij. "Ik dacht op een gegeven moment dat ik de enige witte was. Man man."

Tante Jo zei dat de Spoorwijk was verkozen tot "prachtwijk". Ze sprak het woord uit met alle minachting die ze in één ademtocht vanuit haar boezem naar buiten kon laten ontsnappen. Van prachtwijk was het een klein stapje naar moslims. Ome Bob verkondigde op plechtige toon dat hij de indruk had dat dit een kwaadaardige religie was. Het Christendom was ook niet brandschoon…

"Geen koe zo bont of er zit wel een vlekje aan," kirde tante Jo en ze dook voorover naar het kringetje met toostjes brie dat Titus op de grote schaal had achtergelaten voor haar grijpgrage handen.

Maar de Koran zocht geen vrede. Die zette aan tot polarisatie. Ome Bob had er over nagedacht en was zoetjesaan overtuigd dat de Koran aanzette tot haat.

"Hoe bent u daar achter gekomen, heeft u hem dan gelezen?" vroeg Titus. Zijn stem sloeg een klein beetje over terwijl hij sprak. Hij voelde opwinding. Hij voelde de behoefte oom Bobs overtuiging te onderzoeken, aan de kaak te stellen, te weerleggen. Oom Bob keek hem aan. Zijn ogen kregen iets peinzends terwijl zijn mond lachte en zijn wijsvinger omhoog ging, net als vroeger voor hij afgekeurd was als leraar.


"Ik ga niet een boek lezen dat aanzet tot haat, dat lijkt me toch niet goed, niet gezond."

"Slecht voor je cholesterol," zei oompje Christchurch en daar moest tante Jo smakelijk en dus hard om lachen. Titus haalde adem. Hij ging rechtop zitten. Hij wilde beginnen met de discussie, een discussie met ome Bob die zou aantonen dat zijn opvatting aangepraat was, geen eigen ondervinding. Maar achter hem kletterde een speeltje van Roeland op de grond en die begon te jammeren dat hij de Bob de Bouwer auto als eerste had gepakt. Willemijn wierp op hoge toon tegen dat Roeland hem al heel lang had en dat zij nu wel eens wilde spelen. Er kletterde speelgoed over het kliklaminaat en de sirene van de auto begon te loeien. Titus viel terug in de kussens. Hij zette het flesje bier aan zijn lippen. Met zijn ogen dicht en de wens in zijn hoofd dat hij zijn oren ook zou kunnen dichtzetten, nam hij een grote slok. Willemijn kreeg zo te horen een duw van Roeland en begon te krijsen. Alle mama's in de kamer schoten richting de kinderen. Opvoedkundigheden schetterden in zijn linkeroor, er was zoveel speelgoed, zat genoeg speelgoed en de kinderen konden toch best om de beurt met de Bob de Bouwer auto spelen? In zijn rechteroor ging het over verkiezingen. Ome Bob vroeg of oompje Christchurch nog steeds de moeite nam om te stemmen, daar in het verre Nieuw-Zeeland. Oompje Christchurch antwoordde dat hij al een jaar of wat niet meer aan die rompslomp.

"Het is toch allemaal één pot nat," zei hij.

"Ik zeg altijd maar of je nou door de hond of door de kat gebeten wordt, het maakt weinig uit," zei tante Jo.


De moeders hadden inmiddels de rust hersteld door de kinderen pakjes zoet sap te geven. Er werd bijna geluidloos op rietjes gezogen, totdat Jeffrey de bodem in zicht had gekregen en een borrelend geluid klonk toen hij zoog. Zijn nichtjes giebelden en probeerden hem na te doen.

"Dat dacht ik ook," zei ome Bob. "Jarenlang heb ik dat gedacht. Maar deze keer ga ik wel stemmen en ik weet ook op wie.."

"Aha," zei tante Jo veelbetekenend, maar oompje Christchurch die al meer dan 20 jaar weg was en de politiek mondjesmaat volgde, keek zijn oudere broer wat onzeker aan.

"Voor what I hear in Nieuw-Zeeland heeft hij gek wit haar en is hij zeer radicaal in zijn opvattingen."

"Wit haar, geel haar, paars haar," zei ome Bob geërgerd. "Lekker belangrijk hoor, de kleur van iemands haar."

"Kruisje om de nek, hoofddoekje," zei Titus. "Lekker belangrijk hoor, de versierselen van iemands geloof." Ome Bob keek hem wat onzeker aan. Hij twijfelde tussen luchtig wegwuiven of zich betrapt voelen. Tante Jo redde hem. "Ga jij weer eens toostjes smeren," zei ze venijnig, maar toen Titus daarop een beetje moedeloos terugzakte in de kussens vond ze het ook best.


Ome Bob legde oompje Christchurch uit dat de media een vertekend beeld schetsten. Die buitenlandse media kwamen even een dagje langs en publiceerden vervolgens alleen de smakelijke sound bites. Niet het ware verhaal, het echte verhaal.

"Deze man zegt gewoon precies wat ik denk," zei ome Bob. "Wat ik voel… Wat ieder weldenkend mens om zich heen kan zien gebeuren. Dit land gaat toch helemaal naar de kloten? Jij hebt het 20 jaar geleden nog niet zo gek bekeken". Oompje Christchurch leek wat verbaasd over het compliment, want tot nu toe had hij het gevoel gehad dat ome Bob zijn stap om te emigreren een dwaze en egoïstische daad gevonden had. Zijn wangen werden rood van emotie.

Ome Bob omklemde zijn glaasje en keek wat peinzend voor zich uit.

"We gaan naar de kloten als we niet uitkijken," herhaalde hij.

"En deze Wilders", dat hij net als zijn plaatselijke nieuwslezer uitsprak als Wheeldeers, "gaat dat veranderen, gaat dat stopzetten?" vroeg oompje Christchurch. "Gaat hij zorgen dat ik me straks weer thuisvoel in de Spoorwijk?"

"Ik hoop het," zei ome Bob. "Als iemand dat kan is hij het".

"Maar al die zwartjes waar moeten die dan heen?" vroeg oompje Christchurch en hij keek er een beetje wanhopig bij. Ome Bob lachte. Hij pakte de arm van zijn jonge broer die hij een half leven van goede raad voorzien had. "Als jij ze niet meer ziet, is het toch goed?" zei hij en zo had oompje Christchurch het nog niet bekeken. "De wereld is groot zat, ze blijven vast wel ergens" voegde ome Bob er aan toe en tante Jo knikte al knabbelend op het laatste toostje met Cambozolo waarvan ze een uur of anderhalf geleden verkondigd had dat ze dat toch niet zo lekker vond als Brie en Camembert.

"Wie z'n Spoorwijk is het nou helemaal, die van hullie of die van jou? Wie heeft er nou de oudste rechten?"


"Wij natuurlijk," zei oompje Christchurch geestdriftig, "want wij waren er het eerst." Hij stak het restant van zijn glaasje de lucht in en wachtte tot ome Bob hetzelfde had gedaan. Beide mannen dronken hun glas in één teug leeg en met een vastberaden tik zetten ze het terug op tafel.

29 december 2007

Fietsen in 2007

Dit stukje moet gaan over fietsen. Het zou zonde zijn als het zou ontaarden in geklaag over de trein.


Ook 2007 was weer een goed fietsjaar. De kilometerteller kwam tot stilstand op 8940 kilometer en dat is een nieuw record. Deze keer eens een record dat niks te maken heeft met klimaatverandering, want de reden dat ik meer gefietst dan voorgaande jaren is de aanschaf van een nieuwe fiets. Mooier, sneller, beter dus eigenlijk was een record vestigen alleen maar logisch en niet zozeer een prestatie.

Bovenstaand de omzwervingen in Nederland. Voor de omzwervingen in de Ardennen, Luxembourg, met een stukje Eifel in Duitsland en een stukje Noord-Frankrijk, heb ik geen wandkaart, dus die kan ik niet laten zien met speldjes prikken.


Voor het fietsen in Limburg ben ik een week in Schin Op Geul geweest, voor het fietsen in de Zuidelijke Randstad een lang weekend in Delft. De rest van de tochten is ondernomen vanaf thuis, waarbij ik regelmatig gebruik gemaakt heb van de trein. Vandaar dat ik boven de grote rivieren bij benadering overal ben geweest. Om onder de grote rivieren rond te toeren, moet ik te lang en veel in de trein zitten.

Hoewel, zitten? 2007 was ook een record wat betreft het moeten staan in de trein buiten de spits. In de kortingsuren en voorbij Amersfoort vindt de NS het anno 2007 niet meer de moeite waard voldoende treinstellen in te zetten, want Noorderlingen zijn economisch niet interessant dus laat maar staan die boeren. Misschien is het toch maar goed dat de Limburger Eurlings ons Noorderlingen de Zuiderzeelijn door de neus geboord heeft, want voor dat lijntje had de NS vast geen beter materiaal gehad dan haar beste veewagens. De NS heeft in 2007 goed geprobeerd mij de auto in te krijgen, en als beloning voor die vlijt mogen ze nu de prijzen twee keer verhogen. Ook in het Noorden want als het om dit soort acties gaat is onze regio opeens toch weer economisch interessant…


Hè wat zonde nou toch!

24 december 2007

3 Jaar Meest Gedraaid

Mijn muziekafspeelsoftware is behalve een producent van klanken een nauwgezet boekhouder. Trouw houdt hij bij wanneer ik welk liedje afspeel. Hij registreert. Hij telt op. Zonder mijn smaak te bekritiseren, zonder verveeld te raken, zonder te vragen of ik vandaag alsjeblieft geen zielige liedjes wil draaien. Hij is altijd in de stemming, zelfs al ben ik in de stemming voor crisisherrie of synthigeneuzel of een a capella klankorgie.

Vandaag heeft mijn muziekafspeelsoftware op de kop af 3 jaar lang voor boekhouder gespeeld. Sinds 24-12-2004 heeft hij de door mij gedraaide liedjes geteld. Ik heb hem een lijstje laten maken van de meest afgespeelde liedjes in deze afgelopen jaar en het bleek dat ik ongeveer een top 100 overhoud wanneer ik de lijst reduceer tot alles wat ik 29 keer of vaker gedraaid heb (om precies te zijn dit 105 liedjes). Mijn favorieten draai ik dus maar 10 keer per jaar, wat eigenlijk best weinig lijkt.

Tijdgebrek. Liedjes zijn dood als je ze alleen maar op een schijf parkeert, dus moeten ze gedraaid worden. Ik heb nu 4698 liedjes om te draaien. Het hele zwikje opgeteld zijn ze samen 38.388 keer gedraaid, een getal wat één zin na het opschrijven verouderd was, want toen was er weer een liedje afgelopen en zette mijn boekhouder weer een vinkje.

Gemiddeld draai ik 35 liedjes per dag en zijn mijn liedjes 8 keer aan de beurt geweest in de afgelopen 3 jaar. Er is trouwens geen enkel liedje bij dat nooit gedraaid is.

Ik draai bijna geen muziek buiten mijn computer en dus mijn trouwe boekhouder om. Ik ga natuurlijk vreemd, want ik luister buiten de deur zonder volkstelling, maar binnenshuis doe ik zelden stiekem. Met andere woorden, dit lijstje is een representatieve verzameling, een bont samenraapsel van kortstondige maar hevige liefdes en lange bestendige vriendschappen.


29 keer gedraaid

Athlete – Wires

Hoge onweerstaanbaarheidsfactor, een makkie om mee te zingen.

David Bowie – Life On Mars

Een oude liefde, blijft heerlijk door de ether zweven.

dEUS – Bad Timing

De lange uitgesponnen openaar van Pocket Revolution uit 2005, wat ik over het geheel een licht teleurstellende plaat vind, maar dit nummer is één van de positieve uitzonderingen.

Japan – Nightporter

Een nummer wat ik vroeger op een bandje had (met het lange doorkabbelende eind er helemaal afgekapt). Na een lange periode van afwezigheid is het sinds een jaar of twee weer terug in mijn collectie.

The Kinks – Shangri-La

Ze luisteren lekkerder weg dan The Stones en zijn bij vlagen beter dan The Beatles. Zoals op dit nummer.

The Libertines – Arbeit Macht Frei

Het gitaargerag van the Libertines is verslavend als de veel te veel aan drugs die ze namen.

Manic Street Preachers – Motorcycle Emptiness

Voor als het lekker is om je melancholisch te voelen.

Manu Chao – Me Gustas Tu

Om in de zomer te draaien om die te vieren, om op grijze winterdagen te draaien als lichttherapie.

Oasis – Wonderwall

Van sommige muziek is het zo gemakkelijk om van te houden.

The Shins – Sleeping Lessons

Dit jaar was mijn grijsdraaiplaat Wincing The Night Away.

Tom Waits - Alice

Romantisch en bloedmooi liedje.


30 keer gedraaid

The Beatles – I'm So Tired

Een van mijn favoriete Beatles-nummer en één van mijn favoriete White Album-nummers wat de laatste jaren mijn favoriete Beatles-plaat is.

The Delgados – Thirteen Gliding Principles

Pixies-achtige rock, maar wat melodieuzer en met violen en fluitjes in plaats van overstuurde gitaren.

dEUS – If You Don't Get What You Want

Weer een van de nummers van Pocket Revolution uit 2005 waar oude tijden wel herleven.

Franz Ferdinand – The Fallen

Van de tweede plaat You Could Have It So Much Better (2005). Franz Ferdinand draai je niet of veel, dus er komen nog heel wat nummers van deze band.

Kaiser Chiefs – Everyday I Love You Less And Less

Employment uit 2005 is een lekker plaatje, maar de liefde is vrij oppervlakkig. Dit jaar hebben ze weer een plaat maar eerlijk gezegd ben ik er nog aan toe gekomen die te luisteren.

The Libertines – What Became Of The Likely Lads

Van de titelloze plaat waar ik de winter van 2004/2005 mee doorgekomen ben.

Nada Surf – Popular

Al uit 1996, maar blijft een verschrikkelijk lekker nummer om de stereo mee uit te stoffen.

Oasis – Don't Look Back In Anger

Wat mij betreft hun beste nummer, nog iets beter dan Wonderwall en Live Forever.

Pavement – Spit On A Stranger

Pavement in het algemeen en Terror Twilight (1999) in het bijzonder is mij dierbaar.

The Pixies – Caribou

The Pixies blijft heerlijk om te draaien, want het is zo ongeveer de meest opwindende muziek die ooit op plaat gezet is.

PJ Harvey – Angelene

Een nummer wat op een verlangende manier verdrietig maakt.

Roxy Music – If There Is Something

Een van de te weinige nummers waar Roxy Music echt alles uit de kast haalt en bewijst dat ze best een goede band zijn.

The Shins – Phantom Limb

Opnieuw van Wincing The Night Away, die ik over een dag of wat zal uitroepen tot beste plaat van 2007.

Sleater-Kinney – Jumpers

Een verbazend lekker nummer van verder nogal moeilijke structuren en geluidsmuren.

Sophie B. Hawkins – As I Lay Me Down

Een lief liedje waarop het goed dromen is over hoe dingen beter kunnen.

Spinvis – Bagagedrager

Spinvis – Voor Ik Vergeet

Allebei van de eersteling uit 2002, allebei nummers die regelmatig weer even op moeten.

The Stone Roses – I Am The Resurrection

Uitgesponnen krachtproef van een band die eigenlijk maar één plaat maakte, maar desalniettemin legendarisch is.

Therapy? – Diane

Akoestische wolf in schaapskleren

The Who – I Can See For Miles

Uit de psychedelische periode, een tamelijk vergeten verschijnsel uit de sixties maar dit is wel een enorme kickplaat om keihard aan te zetten.


31 keer gedraaid

Arctic Monkeys – Dancing Shoes

Van de eerste plaat die ik een maand of wat grijs gedraaid heb, maar even abrupt als dat de liefde kwam sleet de liefde ook weer weg. Nu er tientallen bandjes zijn die op de Arctic Monkeys lijken, inclusief de Arctic Monkeys zelf, hoeft het al helemaal niet zo meer.

Caesar – I Know I

Ik wil dat Caesar weer een nieuwe plaat maakt, want ze zijn zowat de beste band van Nederland. Dit nummer is uit 2003, ik heb nu lang genoeg gewacht!

The Clash – London Calling

Onvervalste klassieker. Een nummer waarop je zowel kunt dansen als op pogoën.

Crosby, Stills, Nash & Young – Almost Cut My Hair

Gepassioneerd gezongen nummer voorzien van slepende gitaarlijntjes van Neil.

Damien Rice – The Blower's Daughter

Het mooiste nummer van de plaat O, wat de plaat was die Damien Rice maakte voordat hij James Blunt-achtige trekken begon te vertonen.

The Flaming Lips – The Spiderbite Song

Van de Dark Side Of The Moon van de alternatieve muziek, de plaat Soft Bulletin.

Franz Ferdinand – Do You Want To

Franz Ferdinand – You're The Reason I'm Leaving

Allebei opnieuw van You Could Have It So Much Better (2005).

Gabriel Rios – Broad Daylight

Dit nummer kent bijna iedereen, althans de 15 seconden die in de reclame zitten waar de brandspuit wordt gezet op een paar rondspringende meisjes in zomerjurkjes tussen het fruit(er zal ook nog wel een product aangeprezen worden, maar eerlijk gezegd weet ik niet goed meer welk, gezien het fruit gok ik Appelsientje?).

Hole – Celebrity Skin

De strofe "Oh make me over I'm all I wanna be, a walking study in demonology" is briljant vilein.

Kaiser Chiefs – What Did I Ever Give You?

Nummer dat drijft op koortjes en laat ik nou dol zijn op koortjes.

The Kinks – Days

Een nummer voor een moment waarop je verdrietig bent, maar je weet dat je er bijna doorheen bent en weer blijheid zult voelen.

The Libertines – Can't Stand Me Now

De gitaarlijntjes in dit nummer zijn nog een tikkeltje verslavender dan in een normaal nummer van The Libertines.

My Chemical Romance – Welcome To The Black Parade

Heavy metal-achtige rock met fanfareorkest-impressies er doorheen gemengd. Heeft het bombast en de grandeur van Queen.

Pavement – Gold Soundz

Pavement – Major Leagues

Major Leagues is een quasi-ballad van Terror Twilight, wat de laatste officiële Pavement-plaat is, maar het is de plaat die ik zelf veel eerder leerde kennen dan Crooked Rain, Crooked Rain, waar Gold Soundz van is, hetgeen een typerend zonnig nummer is met absurde, scherpe randjes.

Placebo – Song To Say Goodbye

Nou de titel zegt het wel ongeveer. Keihard aanzetten en dan maar proberen het droog te houden.

The Veils – Calliope!

Aanstekelijk nummer van een van de fijnere platen van 2006, Nux Vomica.

Wire – Reuters

De verwoestende openaar van Pink Flag, een superplaat die met speels gemak na de punkrage overbleef als klassieker.


32 keer gedraaid

Arctic Monkeys – Red Lights Indicate Doors Are Secured

Wederom Whatever People Say I Am, I'm Not.

The Byrds – My Back Pages

Was in 2005 maar moeilijk uit mijn playlists weg te krijgen.

Franz Ferdinand – Come On Home

Deze keer een nummertje van de eerste plaat, uit 2004. Nog niet het meest gedraaide nummer van die plaat…

Johan – Oceans

Thx Jhn was één van de mooiste platen van 2006.

The Libertines – Campaign Of Hate

Zo'n plaat waarbij je vergeefs zou kunnen proberen om doodstil bij te blijven zitten, lukt echt niet.

Tanya Donelly – Kundalini Slide

Van de live gespeelde plaat This Hungry Life uit 2006.


33 keer gedraaid

Arctic Monkeys – Fake Tales Of San Francisco

Die plaat is dus echt grijs gedraaid, het merendeel van de nummers staat in deze top 100 meest gedraaid.

Auf Der Maur – Taste You

Lekker, aanstekelijk, opzwepend, geil.

Belle & Sebastian – The Stars Of Track And Field

If You're Feeling Sinister is uit 1996, maar ik ken de plaat nog maar een jaar of twee. Inmiddels ervan overtuigd dat dit één van de mooiste platen aller tijden is.

dEUS – Disappointed In The Sun

Mijn lijflied, staat nummer 1 in mijn persoonlijke top 200 aller tijden van vorig jaar.

Kristin Hersh – Your Ghost

Laat je meevoeren op het akoestische gitaarloopje en de weemoedige zang.

The Pixies – Cactus

Een "ballad" van Surfer Rosa.

Spinvis – Ik Wil Alleen Maar Zwemmen

Spinvis – Wespen Op De Appeltaart

De eerste is het muzikale hoogtepunt van Dagen van Gras, Dagen van Stro uit 2005, het tweede is Spinvispoëzie op z'n aandoenlijkst. Het zinnetje tussen neus en lippen "Ik hoop maar dat er roze koeken zijn" heb ik uit dit nummer gejat als motto voor mijn log.

Traffic – John Barleycorn

Bohemian Rhapsody is een klassieker die nooit meer uit eindejaarslijstjes weg te krijgen zal zijn. Een soort John Barleycorn dus, want dat is een man die onmogelijk dood te krijgen is.


34 keer gedraaid

Arctic Monkeys – A Certain Romance

Weer die Arctic Monkeys.. En hierna komen ze nog drie keer…

Death Cab For Cutie – I Will Follow You Into The Dark

Liedje voor akoestische gitaar en een mooizingstem die zijn diepste wezen bloot geeft.

Electric Light Orchestra – Can't Get It Out Of My Head

Even mooi als mooi gemaakt liedje, maar soms hou ik van mooie en mooi gemaakte liedjes.

The Jam – Down In The Tube Station At Midnight

Het nummer waarin The Jam op z'n ultiemst is.

Johan – She's Got A Way With Men

Gewoon een lekker rockliedje voor afwassen, stof afnemen of behangen.

Modest Mouse – Bukowski

Mede vanwege de tekstregel "Evil home stereo, what good songs do you know?"

R.E.M. – Man On The Moon

R.E.M. op zijn best is een ontvoering naar een mooie planeet met als vlucht-UFO de gitaarloopjes.

Rufus Wainwright – Hallelujah

Wat mij betreft de mooist gezongen van dit nummer, dat bekender is in de versie van Jeff Buckley

Sonic Youth – Do You Believe In Rapture

Een verstild nummer van een band waarvan je zou denken dat ze dat nooit zouden kunnen.


36 keer gedraaid

Eels – Last Stop This Town

Ik ken dit nummer nu een jaar of 7, 8 en ik ben nooit opgehouden met het veel te draaien. Omdat het briljant is. Het begint met relaxt kabbelen maar al snel sluipen er vervreemdende elementen in de geluidsmix. Vervolgens komt tot overmaat van ramp het refrein.

The Flaming Lips – A Spoonful Weighs A Ton

Om de een of andere reden klinkt het als een soundtrack van een film met trollen, kobolds en elfjes maar voor zover ik weet heeft het daar niets mee te maken.

Franz Ferdinand – Take Me Out

Met gemak een van de lekkerst in het gehoor liggende nummers van de 21e eeuw, waarin toch al weer 8 jaar muziek gemaakt wordt.

Modest Mouse – Ocean Breathes Salty

Net als Bukowski van Good News For People Who Love Bad News, uit 2004. De "hit".


37 keer gedraaid

Alice Cooper – Poison

Nummer dat klinkt alsof overal stroop gesmeerd is, hoewel het over tegengestelde verlangens gaat.

The Chemical Brothers - Galvanize

Want soms hou ik van dansen.

Franz Ferdinand – Eleanor Put Your Boots On

Nog steeds niet de hoogst genoteerde Franz Ferdinand.

The Shins – New Slang

Het eerste liedje dat ik leerde kennen van The Shins en dat me vervolgens naar al die andere mooie liedjes zou brengen.


38 keer gedraaid

Bloc Party – Blue Light

Van de eerste plaat van Bloc Party, die vooralsnog de mooiste blijft.

Franz Ferdinand – What You Meant

Oh nee hoor, nog steeds niet de hoogst genoteerde Franz Ferdinand

Green Day – Boulevard Of Broken Dreams

Ook een lijflied:

My shadow's the only one that walks beside me, My shallow heart's the only thing that's beating, Sometimes I wish someone out there will find me
'Til then I walk alone


39 keer gedraaid

Bloc Party – Like Eating Glass

Een nummer waarbij je echt denkt dat de Joy Division terug is en weer een plaat heeft gemaakt.


40 keer gedraaid

Johan – Walking Away

Mijn meest gedraaide nummer van Thx Jhn. Het mooiste nummer van 2006.


41 keer gedraaid

Arctic Monkeys – When The Sun Goes Down

Als je het begin hoort verlang je onmiddellijk naar het moment van losbarsten.

Death Cab For Cutie – Transatlanticism

Schitterend muzikaal epos over twee mensen tussen wie een oceaan van verwijdering ontstaat een watermassa zo groot dat the distance is quite simply much too far for me to row.

Sufjan Stevens – Casimir Pulaski Day

Hartebrekend nummertje over twee pubers die verliefd zouden zijn geworden als zij maar geen terminale kanker onder de leden zou hebben.


42 keer gedraaid

Arctic Monkeys – Still Take You Home

De voorlaatste keer Arctic Monkeys.

Belle & Sebastian – Get Me Away From Here, I'm Dying

De soundtrack van hoe ik me wel eens voel over mijn eigen schrijfsels, It is mightier than swords, I could kill you sure, But I could only make you cry with these words

Caesar – Ana Nomaly

Naar mijn eigen inzicht een ronduit briljant nummer, alleen zijn er nog heel wat mensen die dit moeten ontdekken.

The Libertines – What Katie Did

Een doowop uitstapje waarin nattig verlangd wordt naar een punkmeisje, hoe fout kan muziek worden? Maar ik ben nou eenmaal verslaafd aan het gitaarloopje dat door dit nummer dreutelt.


43 keer gedraaid

Bloc Party – This Modern Love

Terugkijkend het één na beste nummer van 2005.

The Postal Service – The District Sleeps Alone Tonight

Wonderbaarlijk slim opgebouwd nummertje, een klein briljantje.

Sufjan Stevens – Chicago

Het prijsnummer van de plaat Illinoise uit 2005.


44 keer gedraaid

Grateful Dead – Truckin'

Vanwege het stuwende ritme en de netaan niet onmogelijke variaties die de gitaren daar overheen weten te leggen. Hierbij roep ik dit nummer uit tot de grootste klassieker aller tijden die niet in de Top 2000 staat.

The Verve – Lucky Man

Dit nummer werkt altijd, ik wordt er blij en warm en vol van.


46 keer gedraaid

Bloc Party – Banquet

Terugkijkend het beste nummer uit 2005.


47 keer gedraaid

Franz Ferdinand – Auf Achse

Mijn lievelingsnummer van de eerste plaat van Franz Ferdinand.

The Libertines – The Man Who Would Be King

Van de tweede en helaas al weer laatste plaat van the Libertines uit 2004. Tegenwoordig moeten we het doen met Dirty Pretty Things en Babyshambles.


50 keer gedraaid

The Charlatans – The Blonde Waltz

Hangerig walsritme waarop ik lekker weg kan dromen. Als ik wegdroom, luister ik helemaal niet naar teksten. Misschien onverstandig, want in het kader van deze beschrijving heb ik toch maar eens opgezocht waar het nou eigenlijk over gaat, en nu blijkt die minkukel van een zanger het vinden van de Here te bezingen, nou moe!


51 keer gedraaid

Arctic Monkeys – I Bet You Look Good On The Dancefloor

Hype of niet, omhoog geschreven of niet, tot vervelens toe geïmiteerd bandje of niet, dit nummer is en blijft gewoon kicken.


52 keer gedraaid

Pavement – Grounded

Een auditief spektakel hors categorie, waar mijn boxen en mijn oren (en buren heb ik lekker niet) nooit genoeg van kunnen krijgen.

Eenzame kerst?

Van die 9 miljoen pintransacties was er zelfs niet eentje van mij.

23 december 2007

Trendbreuk

Timmermans, het hoofd van de afdeling Finance and Control leunde achterover. Hij vouwde zijn handen bovenop zijn hoofd terwijl hij zijn rug strekte, zijn achterhoofd zwaar liet leunen op de hoofdsteun van zijn stoel. Hij bracht zijn benen naar de grond en zette af. Hij deed zijn benen de lucht in, maar hij was nog nauwelijks begonnen met zich te verheugen op een zweefvlucht of de stoel kwam al weer met een zacht geknars tot stilstand. Hij zuchtte. Hij moest de Facilitaire Dienst maar eens bellen. Hij wierp een blik op zijn computerscherm waar een herinnering aan een nieuwe onvoltooide taak uppopte. Hij zuchtte harder en een beetje zielig, want hij moest nog zo veel doen.


Zorgen voor volgende week, dacht hij. Vandaag was de enige en laatste zorg de cijfers. Met herwonnen energie sprong hij van de stoel. Hij keek naar de verlaten rugleuning. Hij lachte en gaf de stoel een kwajongensachtige zet. Hij zag hem draaien, een beetje hobbelig, wat al niet goed leek. Vervolgens klonk het geknars en kwam de stoel hortend en stotend tot stilstand, zo snel dat het leek alsof er een rem op zat. Hij trok de stoel wat verder onder zijn bureau vandaan, zodat geen object het draaien kon belemmeren en gaf hem een flinke zet. Het patroon herhaalde zich, alleen werd het geknars nu voorafgegaan door een hoog piepgeluid. Er was iets goed mis, dacht Timmermans. Hij hurkte. Hij keek onder de zitting, maar zag op het eerste gezicht niets dat in het ongerede geraakt was, geen scheve of vervormde verstelhendels in elk geval. Hij schudde zijn hoofd en kwam weer overeind. Die stoel was de verantwoordelijkheid van de Facilitaire Dienst, dacht hij. Ik ga over de cijfers. De hoogste tijd voor de cijfers.


Op de gang op weg naar mevrouw van Deursen trok hij zijn boord losser. Hij voelde pijn in zijn nek en zwaarte in de onderkant van zijn rug. Hij strekte hij zijn rug en wiegde zijn heupen. Hij keek om en keek de kamers in die hij passeerde, maar er was niemand meer te zien. Dus huppelde hij even. Hij huppelde de kamer van mevrouw van Deursen in. Hij zag haar haren, zag dat ze grijs aan het worden waren. Ze waren met speldjes in een onmodieuze knoet gestoken. Terwijl ze naar het scherm van haar PC tuurde en 200 aanslagen per minuut wegtikte, leek ze weggelopen uit een zwartekousenkerk. Hij herinnerde zich dat ze een zwarte maillot aanhad toen hij haar vanochtend trof bij de koffieautomaat en meteen met de deur in huis viel over de grafieken.

"Hai," zei hij, niet te hard om haar niet te laten schrikken. Ze mompelde alleen wat.

"Ben je nog bezig met de cijfers?" vroeg hij, met lichte verontrusting in zijn stem.

"Nee alleen nog even een mailtje," zei ze. Ze was gestopt met tikken. Ze was iemand die een mailtje nalas voor ze het verzond. Ze corrigeerde een paar tikfouten en herschikte een paar zinnen. De cursor zweefde boven de verzendknop. Ze omklemde de muis, haar vinger bovenop de linkerknop maar nog steeds drukte ze niet. Als de ARBO-arts zou hebben meegekeken zou hij hoofdschuddend hebben gadegeslagen hoe ver ze voorover boog. Ze had haar nieuwe bril nog maar nauwelijks een maand, maar kennelijk was de benodigde correctie verkeerd bemeten. Toe dan, schreeuwde het binnenste van Timmermans terwijl hij uiterlijk onbewogen achter haar hoge schouders wachtte tot ze klaar was en tijd voor hem zou hebben.


Daar ging het mailtje. Mevrouw van Deursen gaf een zet met haar benen en haar stoel zwenkte keurig 180 graden. Timmermans knikte goedkeurend, want zo geruisloos en wrijvingsloos hoorde een bureaustoel te draaien. Haar zwarte maillot en halfhoge laarsjes die dan weer wel modieus leken, kwamen tot stilstand tegenover de neuzen van zijn schoenen.

"Het concept is klaar," zei mevrouw van Deursen. Ze wees op de rechterkant van haar bureau, waar een uitgeprinte versie lag. Ze pakte hem en overhandigde hem aan het hoofd Finance and Control, die begon te bladeren zonder daadwerkelijk naar de pagina's te kijken.

"Hoe is het met de grafieken afgelopen?" vroeg hij. Mevrouw van Deursen kon hem beter vertellen wat ze veranderd had, dan hoefde hij het niet meer te lezen. Hij was geen lezer. Alleen conclusies interesseerden hem.

"Ik heb ze opnieuw geschaald," zei ze. "De meeste grafieken vertonen nu een kromming." Met haar vinger in de lucht begon ze een licht opwaartse lijn te beschrijven, maar haar baas keek niet meer.

"Goed," zei hij alleen. "Zo moeten we het hebben."

"Als je de conclusie wil trekken dat we overgenomen moeten worden, dan moet je dat hebben," zei mevrouw van Deursen. Ze zag haar superieur driftig bladeren.

"Eigenlijk zou ik het liefst direct Verschuur bellen," zei hij. "Met Bradley erbij, en Grotebroek natuurlijk. Het zou het beste zijn hen al in het weekend te treffen. Dan kunnen we ergens naartoe waar niemand ons ziet. Als het gewone personeel er nu al lucht van krijgt dat we…"

Hij keek op van zijn papieren en keek neer op mevrouw van Deursen.

"Dan kun je geen review meer laten doen," zei ze. "Je kunt het amper zelf nog lezen voordat je met het Hoofdkantoor in de slag gaat."

"Ik zou jou kunnen vertrouwen," zei Timmermans. "Ik kan me niet herinneren jou ooit een fout in een rapport hebben zien maken die meer was dan een verschrijvinkje."


"Fouten zitten er niet in," zei mevrouw van Deursen kalm. Met haar benen wiebelend oogde ze ontspannen. Ze was er vrij zeker van dat Timmerman niet doorhad dat ze op een vulkaan zat. Hij was geen manager die veel oog had voor menselijke kanten. Hij was blind voor mensen, dacht ze, terwijl ze zijn priemende blik trotseerde, zich bewust was van een opspelende zenuwtrek bij haar linkeroog. De ogen van Timmermans dwaalden af. Ze daalden. Gelaten constateerde mevrouw van Deursen dat haar manager naar haar kruis keek. Ze voelde haar rok om haar benen heen plooien, overal netjes en bedekkend, maar de door fantasie bestuurde ogen van meneer Timmermans zagen het wellicht anders. Hij was iemand die graag hoorde wat hij wilde horen. Langzaam verrees ze uit haar bureaustoel om op gelijke hoogte met hem te zijn.


"Als ik jou toch niet had," zei Timmermans en hij drong op. Mevrouw van Deursen trok zich terug. Haar billen gaven de zitting van de stoel een zetje. Geluidloos en wrijvingsloos draaide de stoel een rondje terwijl het gezicht van meneer Timmermans onplezierig dicht bij dat van haar kwam en zijn handen de hare pakten zodra ze die ter verdediging ophief. Ze bood weerstand, maar ze dacht ook aan haar angst dat hij toch nog het rapport zou lezen voor hij het Hoofdkantoor bijeenriep. Ik moet tijd kopen, dacht ze en tot haar eigen ontzetting luwde haar weerstand. Ze liet toe dat ze gezoend werd. Zware hete adem blies in haar hals terwijl haar lichaam klem gezet werd tussen zijn lichaam en de rand van het bureau. Ze voelde ze de rechterhand van Timmermans langs haar knie strijken en onder haar rok kruipen. Ze slaakte een kreet. Ze wrikte een hand los en duwde hem met kracht van zich af.

"Dit is niet goed," zei ze. Ze duwde nog eens. Het duurde een paar seconden voordat Timmermans doorkreeg dat hij geen vrij spel meer had. Enigszins geschrokken zette hij een stap terug en gaf haar tengere lichaam wat ruimte. Terwijl zij tegen hem zei dat het niet goed was, dat ze collega's waren, dat hun werkrelatie geen vertroebeling kon gebruiken van een romance, dacht hij dacht eraan om haar te overweldigen. Hij dacht eraan om haar te verkrachten. Zijn half dichtgeknepen op haar boezem gefixeerde ogen dachten eraan haar te beroven van alles wat netjes aan haar was en kuis leek. Want ze was niet netjes. Ze was een slet die er in stilte om schreeuwde om een beurt te krijgen.


Haar kalme woorden, haar kalme afwijzing brachten zijn verstand langzaam terug. Hij wist dat hij haar nodig zou hebben. Straks zouden er fusiebesprekingen beginnen. Er zouden allerhande rapporten nodig zijn, allerhande cijfers. Het was haar taak hem die cijfers te leveren, zodat hij vervolgens het beleid kon maken. Plannen maken. Geld. Veel geld.


"Je hebt gelijk," zei hij. "Sorry," zei hij zelfs. Toen hij vervolgens weer een stap dichterbij kwam zag hij haar verstarren. Hij wees op het rapport dat naast haar benen op de grond opengevallen was. Ze knikte begrijpend. Met iets van opluchting schuifelde ze weg zodat Timmermans het rapport kon oprapen. Ze zorgde dat ze bij de deur kwam en ook pakte ze alvast haar jas. Ze keek naar Timmermans en zag dat hij het rapport opengeslagen had en aan het lezen was.

"Je zou vanavond nog in actie kunnen komen," zei ze. Timmermans draaide zich om. Hij zocht en vond haar bij de deur. Klaar om de benen te nemen, dacht hij en dat was ook precies de indruk die ze maakte. Nog even speelde hij met de gedachte haar weer aan te vliegen, haar achterna te zitten op de gang. Hij vermande zichzelf. Laat stomme en vluchtige verlangens rusten. Erotische gedachten kon hij missen als kiespijn, nu hij zijn bedrijf een fusie in kon loodsen. Aan het eind van de horizon gloorde een pot goud.


"Ik ga vanavond nog in actie komen," zei Timmermans enthousiast. "We moeten dit weekend al spijkers met koppen slaan, dat is verreweg het beste."

Mevrouw van Deursen knikte. Even verscheen een glimlach op haar gezicht maar die gleed er even snel weer af. De omstandigheden waren niet naar lachen. Ze dacht aan haar baas, die ten overstaan van inderhaast opgetrommelde hotemetoten in een gloedvol betoog een rampscenario zou schilderen om vervolgens een rapport uit te delen waarin naar zijn overtuiging de cijfermatige onderbouwing van zijn betoog te lezen zou zijn. Voldoening voelde ze niet. Het was niet als eerder vanmiddag, toen ze de grafiek opnieuw geschaald op haar scherm zag, maar wel net even anders geschaald dan dat haar baas het haar voorgehouden had. Toen had ze een giechellachje niet kunnen onderdrukken.

"Goed," zei ze. "Dan zal het spel wel op de wagen komen." Ze voelde in haar zakken. De brief zat er nog, de brief die ze zodadelijk als ze in het centrum van de stad was zou posten.


"Het spel zal zeker op de wagen komen," zei Timmermans. "Bereid je maar voor op nieuwe rapporten. Nieuwe mooie grafieken. Reken maar dat je het druk gaat krijgen. Je hebt toch hopelijk niet allerlei verlof gepland? Je bent toch wel beschikbaar de komende tijd?"

"Ik heb niks gepland," zei mevrouw van Deursen. "Niks anders dan beschikbaarheid."

19 december 2007

Idols for bloggers

De kijkcijfers voor Idols waren dit jaar niet meegevallen. De programmamanager was ten einde raad. Zijn contract bestond uit slechts één bladzijde, één A4 tje waarop een vette "18%" stond in wel een 36-puntsletter. In een laatste poging zijn huid te redden, liet hij op vrijdagmiddag zijn voltallige staf en een krat of wat aanrukken en dit plan bleek succes te hebben. Halverwege het laatste krat en zijn laatste niet afgebeten nagel hoorde hij het verlossende idee gebrald worden. Waarom doen we geen Idols for bloggers?


In een sporthal in Amsterdam-Zuid kregen honderden jongens en meisjes rugnummers opgespeld en één voor één mochten ze verschijnen voor een driekoppige jury om hun mooiste logje voor te lezen. Kluun was natuurlijk een moetje in deze jury, want hij was de eerste en tot nu toe enige Nederlander die groot geworden was met loggen, al gingen er geruchten dat Merel Roze door de concurrent was ingehuurd om juryvoorzitter te worden bij "X-factor edition the loggers".

Jacq d'Ancona was zeer content dat men eindelijk weer eens aan hem gedacht had. Zozoja was in het anders altijd zo onskentonzerige panelland een relatieve nieuwkoomster.


Als eerste werd aan de jury een jong meisje met lange vlechten en kleine sproetjes voorgeleid. Met een zachte maar vaste stem las zij haar verhaaltje over een dag die rot begon met de trein 20 minuten vertraging. En toen op het werk gekomen en alles ging z'n gangetje. En toen bij de koffieautomaat met Jeanet nog een leuk gesprekje over De Wereld Draait Door ("Wat is die Matthijs toch een stuk") en yes weer terug achter de PC blijk ik een comment te hebben over mijn vorige logje "Kat is lief". Uit het commentaar bleek dat hij stukje niet begrepen had, da's jammer maar het is toch altijd weer leuk dat er aan je gedacht is. En toen gezellig met vriendinnen gegeten, nog even met mams gebeld, de katten te eten gegeven en geaaid en gemijmerd over een stoute gedachte. Toch maar niet gedaan en fluks naar bed gegaan.

Nadat het enige tijd stil gebleven was, zei Jacq die zijn terugkeer in panelland niet wilde bederven met al te harde kritieken dat de voordracht best goed te verstaan was. "Hoewel plat Twents voor een ongeoefend oor misschien wat lastiger is".

Kluun was snel klaar met deze kandidaat. "Ik vind het drie keer niks."

"Bepaald onwelriekend," zei Zozoja en ze haalde haar neus op.


De volgende bijdrage was van een goed gebouwde jongen met een vrolijk en open gezicht, die op de website www.leukeberichtjesomoverteloggen.nl gelezen had over dat de maan elk jaar 5 centimeter verder van de aarde verwijderd raakte en dus over 5 miljard jaar uit het zicht verdwenen zou zijn. Dat was me wat. Hoewel, 5 miljard jaar duurde nog best wel lang dus wie weet dat de geleerden nog een list verzonnen. Als de maan niet naar Mohammed komt, dan komt Mohammed wel naar de maan. Of zo. Klik hier voor een site met maanstanden en klik hier voor uw horoscoop op basis van schijngestalten.

Weer was het merkbaar stil nadat de jongen met het vrolijke gezicht met een hupje en een gebalde vuist de laatste zin uitgesproken had. Zozoja zat al een tijdje met haar neus dichtgeknepen en keek de vrolijke jongen steeds giftiger aan. Kluun hield de geschreven versie van het logje omhoog:

"Om te horen valt het niet mee. Ik dacht dan ga ik het maar lezen, dan is het misschien beter. Maar ik vind het kut. Hoe schrijf je dat trouwens, met –dt of met –t?"

"Eeeh…"

"Recalcitrandt is volgens mij wel goed geschreven," probeerde Jacq nog, maar het was al te laat. De kandidaat kon gaan.


De derde kandidaat was een Vlaming met een leutig gezicht, die begon met te zeggen dat hij een log had gemaakt over Hoes de blaffende kater. Vervolgens probeerde hij zijn bijdrage voor te lezen, maar hij had grote moeite om het lachen van de jury te overstemmen.

"Ik heb er geen woord van verstaan," zei Jacq na afloop.

"Ik lig in katzwijm," zei Zozoja.

"Of is het nou hondzwijm," zei Kluun en toen lag de hele bende weer in een deuk en was het tijd om naar de reclame te gaan.


Waarbij het tijd wordt om te vermelden dat dit stukje nooit gemaakt had kunnen worden zonder dit stukje.


Na de pauze werd het nog een lange zit. Meisjes emmerden over de gewoontes van hun vriendjes die ondanks alles in de laatste zin toch wel lief waren en jongens emmerden een erotisch verhaal bestaand uit één snelle alinea hoe het zo gekomen was gevolgd door vele alinea's grote borsten en een zich openbarende liefdesgrot. En ze emmerden over Ajax. En over bier drinken met andere jongen en de kater achteraf.

Gelukkig schrok de jury af en toe wakker omdat er een pareltje langskwam. Zo was er een meisje met valse wimpers dat werkelijkheid met fantasie vermengde zodat de werkelijkheid opeens te begrijpen was. Zij mocht door.

En er was jongen die bekijks trok omdat hij op een oud reutelend brommertje was komen aanzetten. Hij emmerde net als vele andere jongens over een meisje maar hij deed het recht uit het hart en oprecht, dus hij mocht ook door.


Er was nog een meisje dat prachtig gedragen dit gedichtje voorlas:

Je hebt iemand nodig, stil en oprecht
Die, als het er op aan komt, voor je bidt of voor je vecht
Pas als je iemand hebt die met je lacht en met je grient
Dan pas, kun je zeggen: Ik heb 'n vriend

"Zelf geschreven" zei ze na afloop, maar na twee minuten waarin de jury het tegendeel beweerde, beende ze kwaad weg.


Dit meisje dat op haar geheel eigen wijze uitlegde hoe ze zich kwetsbaar opstelt, mocht natuurlijk ook door en tenslotte mocht er iemand door die lezenswaardig over zijn kind(eren) schreef. Nu was de eerste vereiste, het hebben van een kind, niet zo'n probleem maar de tweede eis, dat je ook nog moest kunnen schrijven, bleek een stuk discriminerender. Het 101ste log dat over een zoontje ging was zo mooi dat het door mocht.

Aan het eind van een lange dag wilde Kluun aan de drank, Jacq naar bed en Zozoja wilde wel een handtekening van programmamanager die mensen beroemd kon maken. De sporthal stroomde leeg, de meeste mensen een beetje pips en gedesillusioneerd dat ze niet door mochten. Maar er waren her en der een paar mensen met blosjes op de wangen die droomden van de grote finale, straks aan het eind van het televisieseizoen.

14 december 2007

It's just that song

Laatst was er een feestje in onze bedrijfskantine. Rondom de etenswaren en de kassa hingen versieringen. De meisjes en die ene jongen van de catering waren kleurig verkleed, ze zagen er prachtig uit. Er stond een ghettoblasterachtig geval naast de koelbox met yoghurt en melk, van waaruit blikkerig een feestelijk liedje klonk. Het feestelijke liedje was de Ketchup Song.


Domme overbodige liedjes uit de hitparade gaan meestal straal aan mij voorbij, maar aan deze was destijds niet te ontkomen. Drie nogal lelijke meisjes zongen nogal lelijk klinkende woorden in een zelfverzonnen taaltje en voor die formule bleek Nederland massaal te vallen. Het succes werd bovenal veroorzaakt door de nogal lelijke zeg maar spastische beweginkjes die je met je handen moest maken bij het nogal lelijk klinkende refreintje.

Op slag ging mijn herinnering terug naar een avond waarop ik langs een café vlakbij mijn huis liep. Voor het café stonden een paar scootertjes. In het café achter de halfopen gordijnen zaten aan een tafeltje drie dames van een omvang waaraan je een fiets inderdaad niet zou willen wagen. De stereo-installatie van het café blèrde luidkeels de Ketchup Song terwijl de dames al even luidkeels meezongen en met hun handen de beweginkjes bewogen. Hun gezichten zaten vol puisten maar straalden.


Ook nu nog, jaren later, bleek de magie van de Ketchup Song te werken. Voor me in de rij naar de kassa stond een mevrouw die qua volume enige gelijkenis vertoont met de dames uit de alinea hierboven en met een enigszins gelukzalige trek op haar gezicht zong ze zachtjes de woorden van de Ketchup Song mee, onzinwoorden in een brabbeltaaltje maar ze kende ze allemaal nog. Het was dat collega's haar konden zien, anders was ze ook met haar handen mee gaan doen. Ze moest zich inhouden. Ze kon haar handen nauwelijks thuishouden, terwijl ze meezong met de Ketchup Song en de herinneringen opnieuw beleefde van de zo te zien zoete tijd dat dit liedje een hit was.


Kenmerk van magie is dat het zich alleen openbaart aan ingewijden.

07 december 2007

VerWildering

Het busje wiebelde heen en weer rechts toen het een flauwe bocht naar rechts nam en vervolgens een scherpe bocht naar links. Achmed zette zich schrap en bleef zodoende rechtop zitten terwijl het busje vaart verminderde, een verkeersdrempel nam, nijdig gas gaf en opschakelde. Hij voelde het misselijke gevoel terugkeren. Hij wilde aan iets anders denken maar zijn hoofd was leeg.


Tegenover hem zat een verbazend lange vrouw met hoog opgestoken haren en een diepdonkere huidskleur. Haar borst, hals en een gedeelte van haar haren werden bedekt door een felgekleurde omslagdoek. Haar ogen staarden gelaten terwijl haar lichaam de bewegingen corrigeerde die het busje maakte tijdens het nemen van de bebouwde kom van een dorpje. Meer slingers in de weg en meer drempels.

Achmed wilde haar eigenlijk vragen waar ze vandaan kwam, maar zijn geloof verbood hem om vrouwen zomaar aan te spreken. Een betere vraag dan de vraag waar ze vandaan kwam, was de vraag waar ze heen ging, dacht Achmed en hij slikte toen hij herinneringen voelde opkomen aan zijn geboorteland dat hij bijna 10 jaar geleden ontvlucht was. Hij voelde ook het nerveuze verlangen om zijn thuisland weer te zien, een verlangen dat er in al zijn Nederlandse jaren was geweest, meestal sluimerend maar soms heftig. Vervolgens zag hij de milities weer, en voelde hij zijn onmacht terwijl stevige handen hem vasthielden en een soldaat, een jongen nog, hief zijn geweer op naar zijn vrouw en naar zijn vier kinderen.


Achmed herademde toen hij weer goed recht zat en de bus een rechte weg bereikt had waarop hij gelijkmatig voortzoefde. Voor de zoveelste keer schoot door zijn hoofd dat hij beter af zou zijn geweest als het hem niet gelukt zou zijn om aan de kogels van de milities te ontsnappen.

Volgens Nederland kon hij terugkeren naar zijn thuisland, want in een aantal streken waren de milities niet actief en was hij veilig. Daarom kreeg hij geen permanente verblijfsstatus. Zijn verweer was geweest dat er niks was om naar terug te keren, want zijn familie was dood en zijn geboortedorp een ruïne. Hij wilde een nieuw bestaan opbouwen, ergens waar de verscheurende herinneringen ver weg genoeg waren om adem te kunnen halen. Maar zijn verzoek werd afgewezen, want hij had geen urgente noodzaak om te blijven.

Maar hij bleef toch, want hij had werk en hij had een dak boven zijn hoofd en hij werd trouwens ook niet weggestuurd uit Nederland. De slapeloze nachten verdwenen. Zijn maagklachten en hoofdpijnaanvallen verminderden. Nadat zijn baas het had klaargespeeld voor hem en voor twee andere illegalen een huisje in het dorp te regelen, woonde en werkte hij en hij leefde zijn leven zonder dat mensen wisten dat hij illegaal was. Toen hij twee weken geleden in de voetbalkantine samen met zijn teamgenoten op het Journaal zag dat het nieuwe kabinet het verslofte uitzettingsbeleid weer handen en voeten zou geven, was er niemand die naar hem keek. Niemand merkte dat hij stil werd en dat diep in zijn buik spanning hem verlamde.


Een nieuw dorpje. Opnieuw hotste en botste het busje. Tijdens het maken van de bocht zag Achmed door het getraliede ruitje een groot publicatiebord, met daarop half afgescheurd en verregend de posters van de politici. Wilders en Verdonk waren allebei grotendeels overgeplakt, maar desondanks waren ze de grote winnaars geworden. In de regering waren ze niet gekomen, maar het minderheidskabinet was afhankelijk van hun gedoogsteun. In ruil voor die steun zat Achmed nu in dit busje. Door het raampje werden in het eerste licht van de zon de loodsen van Schiphol zichtbaar. De lucht boven de loodsen was gelig roze. Het beloofde een mooie dag te gaan worden in Nederland.


Het meisje was het ergste. Het meisje dat naast de Afrikaanse vrouw zat en vast en zeker haar dochter was, want ook haar huid was diepdonker en ook zij droeg een felgekleurde omslagdoek. Elf of twaalf jaar was ze. Achmed kon haar ogen niet aanzien. Achmed kon de boeien niet aanzien die om haar dunne polsen en enkels zaten. Dat hij ze zelf ook droeg, kon hij vergeten, maar bij haar kon hij die boeien niet aanzien.

Straks zouden al die camera's dit meisje vangen, terwijl ze gevangen in die boeien voortsjokte, achter haar moeder aan en voor Achmed uit naar de trappen van het vliegtuig. Achmed had eergisteren zelf op televisie gezien hoe het ging. Toen waren het moslims met baarden gehuld in djellaba's geweest. Haatzaaiers, was het woord dat politici gebruikten toen ze in beeld waren om te vertellen dat de illegalen en hun overlast binnenkort tot het verleden zouden behoren. Potentiële terroristen.


Ze zouden Achmed voorop zetten, realiseerde hij zich. Hij had zich niet meer kunnen scheren nadat de marechaussee hem van zijn bed gelicht had. Met zijn capuchon over zijn hoofd en onheilspellende muziek op de achtergrond zou hij voor een kijker gemakkelijk doorgaan voor een haatzaaier en een terrorist. En ze zouden erbij zeggen dat die vrouw en dat meisje zijn gezin was en dat zij gedwongen waren geweest om met hem mee te radicaliseren.


Toen het busje stilstond en uit het raampje op 100 meter afstand een vliegtuig opdoemde, haalde Achmed diep adem want het hotsen en het botsen was gelukkig voorbij. De bijrijder zei iets tegen de chauffeur voordat hij uitstapte. Hij zei dat hij ging controleren dat er geen journalisten waren. Ze wilden dus geen publiciteit deze keer. Vandaar dat ze zo vroeg opgehaald waren, nog middenin de nacht. Vandaar dat ze via binnenwegen naar Schiphol reden. Deze keer wilde Nederland de aftocht niet gefilmd hebben. Zouden de politici misschien toch geschrokken zijn van de aandacht van CNN en Al Jazeera en de commentaren uit het buitenland?

Achmed voelde opluchting vanwege het ontbreken van de camera's. Maar ook voelde hij verdriet omdat hij nooit welkom geweest was in dit land. Hij was van dit land gaan houden, ondanks alles. Maar zijn liefde voor dit land was nooit beantwoord.

Nog drie marechaussees hielden toezicht terwijl het drietal uitgeladen werd. Achmed mocht voorop en de voorste politieman wees naar de trappen van het vliegtuig. Achmed knikte en begon te lopen. Uit zijn ooghoeken zag hij een van de marechaussees, een dikke blonde man, een fototoestel pakken. Een mooi compact cameraatje. Achmed had dit type laatst nog bewonderd bij de Media Markt. Mooi maar te veel geld.



"Ga je ons fotograferen?" vroeg Achmed. "Waarom ga je ons fotograferen? Is het niet genoeg voor jou dat wij gaan?"

De man keek hem aan, leek van zijn stuk gebracht, misschien wel omdat de illegaal Nederlands sprak. "Rotte appels kunnen we missen als kiespijn," zei hij, maar zijn camera borg hij toch weg. Het was de leus waarmee zijn favoriete politicus al die zetels had weten te halen. Het was de leus die zijn ogen verlichtten bij het uitspreken ervan.

01 december 2007

Vanavond in dit theater

Ik hou bij vlagen wel van voetbal. De wedstrijden van het Nederlands elftal als het ergens om gaat wil ik zien en de wedstrijden van het Nederlands elftal uit als het niet of nauwelijks ergens om gaat zit ik regelmatig uit. De samenvattingen op zondag kijk ik vaker wel dan niet, en Europese wedstrijden van Nederlandse club pik ik wel eens mee als het zo uit komt, maar ik blijf er nooit voor thuis. Ik haak af als het over wedstrijden uit de Spaanse of Duitse of Litouwse competitie gaat. Ik haak ook af als er zo´n televisieprogramma langskomt waarbij een stuk of vier mannen aan een tafel zitten om een uur of nog langer over voetbal te lullen.

Zelf over voetbal lullen is nog wel leuk. Als op het werk de wedstrijd van gisteren doorgenomen wordt, doe ik mee. Maar gaan zitten kijken naar andere mensen die over voetbal lullen, vind ik een net zo´n vreemd fenomeen als naar andere mensen gaan zitten kijken die in een villa of op een tropisch eiland zitten om hun leven te leiden in de tijd dat je zelf misschien wat interessants zou hebben kunnen meemaken .


Naar een voetbalstadion ga ik bijna nooit. Als jongen van een jaar of twaalf ben ik drie keer in korte tijd naar Cambuur geweest, toen ze in de nacompetitie zaten en ze konden promoveren. Vol stadion. Zo vol dat er op de tribune eigenlijk geen plek meer was, zodat wij jongens ergens tussen tribune en veld in mochten staan, wat we fantastisch vonden, want als het spel naar rechtsvoor bewoog trok het vlak voor onze ogen langs, inclusief het schreeuwen, het gedempte geroffel van de noppen onder de voetbalschoenen in het gras, de knal die de bal gaf als hij voorgezet werd (om meestal weggekopt te worden door een verdediger).


Het mooiste is het geluid. Het geluid van aanzwellende hoop en verwachting als de thuisclub de bal heeft en het strafschopgebied nadert. Het woeste oehgeluid als een doelpoging die mislukt. Het gefluit en gejoel als de scheidsrechter een beslissing neemt waar de toeschouwers het niet mee eens zijn.

En dan natuurlijk het geluid van een doelpunt, een orkaan van gejuich. En overal beweging, ook bij ons, want we doen mee aan de collectieve vreugdedans.


Cambuur redde het niet. De laatste wedstrijd moesten ze winnen. Ze kwamen wel op voorsprong, waarbij de orkaan z'n grootste kracht bereikte, maar tegen het eind van de wedstrijd werd het opvallend stil, benauwend stil op de overvolle tribunes. Ogen volgden de bal, sommigen nog hoopvol, sommigen al vol met de moed der wanhoop. Want Cambuur stond achter en maakte een steeds onmachtiger indruk. Cambuur verloor. Het stadion stroomde in een haast serene rust leeg, qua sfeer vergelijkbaar met het vertrekken uit de aula na een crematie. En wij jongens zaten stiller dan ooit in de auto op de weg terug naar Dorpsstraat, Ons Dorp.


Ik ben één keer bij FC Groningen geweest in het oude stadion. Veel indruk heeft het niet gemaakt, want ik weet de tegenstander niet eens meer. De uitslag trouwens nog wel, 1-1. Het stadion was halfvol, het veld was kaal getrapt en het voetbal was van beide kanten slecht. Lange halen joegen de bal naar voren, die vervolgens maar af en toe een medespeler bereikte. Als ik een samenvatting had moeten maken, was het werken geworden om vijf minuten te laten overblijven. Was wel handig geweest, een samenvatting, want dan had ik de goal van Groningen misschien wel gezien, want die ontstond uit een scrimmage en het was dat één kant van het stadion begon te juichen (een stevige bries dit keer, geen orkaan), anders had ik het misschien niet eens gemerkt dat er een doelpunt gevallen was.
En dan waren er nog jongens achter het doel in grauwe jassen en witgroene sjaals die ophitsende gebaren maakten naar het vijandige supportersvak en schandalige dingen schreeuwden naar de scheidsrechter. Heel wat grover dan "hi ha hondenlul". Tegen het eind van de wedstrijd beklommen politiemensen de tribune om de rust te bewaren, wat min of meer lukte, maar wat werden die mannen die vast liever een vrije zondag gehad zouden hebben, uitgescholden.


Het was een schril contrast met de beleving van vroeger. Het was een koude douche.


Vanavond de herkansing. Iemand had vier kaartjes maar kon niet, en nu ga ik met drie van mijn collega's. Ik ga naar Groningen-VVV. Ik zou me kunnen indenken dat voor dit affiche hooguit anderhalve man en een paardenkop komt opdraven, maar de Euroborg schijnt eigenlijk altijd bijna of helemaal vol te zitten. Met andere woorden, ik hoop op volop geluid. Geroezemoes vooraf, ver weg zingen, dichtbij joelen. Een klaterende applauswaterval als de spelers het veld opkomen, gejuich als ze worden omgeroepen door de speaker.

Opspringen en oeh roepen als de kans gemist wordt. En als de scheidsrechter het waagt om een penalty te geven aan de tegenpartij, dan fluiten we hem oorverdovend snerpend uit.


Tegen VVV zou een doelpunt er in moeten zitten. Eén orkaan van geluid moet toch kunnen. Stiekem hoop ik op meer goals en dus meer geluidsexplosies. Drie misschien wel. Wie weet vier of vijf. En dan mag VVV op het eind de eer redden, zodat we kunnen horen wat het verschil in lawaai is tussen een goal van het thuisspelende en het uitspelende team.


Groningen is wat wisselvallig dit seizoen, maar ik wil geen excuses horen, deze wedstrijd moeten ze gewoon winnen. Sorry, we gaan gewoon winnen.


Update: 1-0 werd het. De eerste helft was saai, de tweede helft leuk en toen was Groningen ook duidelijk de betere ploeg. Het eerste hoogtepunt kwam een seconde of twee na deze foto:
Want deze kopbal van Marcus Berg gaat erin.
Het tweede hoogtepunt was dat het VVV-supportersvak op een gegeven moment zong "Oh wat zijn die Friezen stil" en dat de trouwe maar niet al te slimme Groningen-supporter naast ons de ironie een beetje miste en oprecht geprikkeld reageerde met "Die lui kennen helemaal geen aardrijkskunde" en "Die denken gewoon dat ze in een ander stadion zitten".

Clicky

Clicky Web Analytics